We doen in verkiezingstijd vaak alsof wonen en werken twee aparte dossiers zijn. Alsof je eerst over huizen praat en daarna over economie. In de praktijk is het precies andersom. Zonder woningen geen werknemers. Zonder werknemers geen bedrijven. En zonder bedrijven geen regionale economie. Zo simpel is het.
Het nieuwe regeerakkoord onderstreept dat eindelijk: wonen is topprioriteit. 100.000 woningen per jaar, meer regie, minder regels. Nodig ook. Maar wat we lokaal vaak vergeten, is waarom die woningen nodig zijn. Niet alleen vanwege aantallen inwoners, maar vanwege huishoudens, levenslopen én werk.
Dat werd scherp zichtbaar tijdens de Impuls-bijeenkomst, die we op 2 februari samen met Woonalliantie Limburg, Provincie Limburg en Bouwend Nederland – Regio Zuid organiseerden. In een krachtig programma stond wonen centraal als hefboom voor de toekomst van Limburg. Want jongeren starten alleen, gezinnen zoeken ruimte, relatiebreuken zorgen voor extra vraag en nieuwe relaties leiden lang niet altijd tot samenwonen. In Limburg komen daar nog twee realiteiten bij: weinig natuurlijke aanwas en groei die vooral uit migratie komt. Arbeidsmigratie dus. Structureel, niet tijdelijk.
Het recente debat over arbeidsmigranten in Venlo laat zien wat er misgaat als wonen en werken uit elkaar worden getrokken. Werk is er wel, maar passende huisvesting niet of onvoldoende. Dan krijg je druk op wijken, onrust in de samenleving en uiteindelijk schade aan draagvlak én economie. Dat is geen falen van ondernemers of werknemers, maar van het systeem daartussen.
En precies dáár raken de gemeenteraadsverkiezingen de kern. Gemeenteraden bepalen ruimtelijke keuzes, woningtypen, spreiding, kwaliteit en handhaving. Dat vraagt geen slogans, maar een volwassen gesprek en scherpe afwegingen. Niet alles kan overal. Maar niets doen is óók een keuze.
Wie wonen los ziet van werken, kiest voor problemen. Wie ze samen durft te benaderen, kiest voor toekomst.
Ron Coenen
Voorzitter LWV


